Gezinnen nemen veel vormen aan en die verscheidenheid weerspiegelt zich in de leefwereld van jonge kinderen. Hoewel prentenboeken over mama’s en papa’s vaak het meest in het oog springen, is er ook een rijk aanbod dat het brede gezinsleven in beeld brengt. In verhalen, zoekboeken en poëzie zien we zowel die rijke diversiteit als herkenbare thema’s zoals verbondenheid, zorg en samenleven terugkomen.
Laat je inspireren door onze selectie prentenboeken waarin familie centraal staat. Klik hier!
Nieuw in de boekhandel
De openingspagina van dit prentenboek lijkt aanvankelijk weinig origineels te beloven: ‘De koe zegt: “Boe!” Het paard zegt: “Huuhuhuhu.”’ Die vertrouwde opstart wordt al snel doorbroken wanneer het schaap en de geit in discussie gaan over wie het recht heeft om ‘Bèèèh’ te zeggen. De hond stelt voor om de uitspraak te delen, maar daar voelen beide dieren weinig voor. Op zoek naar een alternatief botsen ze op een ander probleem: vrijwel alle geluiden blijken al ingepalmd door de andere boerderijdieren. Na rijp beraad komt het schaap met een volstrekt eigenzinnige oplossing op de proppen: ‘tuut tuut woekelie wuut wopperdehop klip klop jekkie plekkie pruuuuuuuut’. Een geluid dat niemand anders gebruikt. Of toch? Het verhaal krijgt een verrassende en bijzonder komische wending wanneer een klein ruimteschip op de boerderij landt. De klassieke illustratiestijl en verzorgde vormgeving contrasteren met de absurde plotwendingen en grappige discussies. Dat spanningsveld versterkt de humor en maakt het boek extra aantrekkelijk voor jonge lezers. Kleuters zullen genieten van de speelse dialogen en benieuwd blijven naar de afloop van het conflict. Tegelijk biedt het verhaal herkenning, bijvoorbeeld in de aanvankelijke terughoudendheid om te delen. Met dit boek levert de Amerikaanse auteur Matthew Diffee een verhaal af dat tegelijk klassiek aandoet en origineel verrast. De vertaling van Jaap Robben is bijzonder geslaagd en weet het speelse taalplezier van het origineel te behouden.
Diffee, M. (2026). Tuut tuut woekelie wuut. Een verhaal over delen. Haarlem: Gottmer.
Er ontstaat grote consternatie op de boerderij wanneer blijkt dat Marcel, de witte haan, en Gertrude, het mollige hennetje, spoorloos verdwenen zijn. Al snel is de vos hoofdverdachte nummer één. Zowel de bruine, de witte als de zwarte kippen verzamelen zich om dit acute probleem aan te pakken. De discussies laaien hoog op: iedereen kakelt en kraait, maar niemand wordt echt gehoord. Tot de zwarte haan het woord neemt en pleit voor een verenigd leger. Volgens hem is de aanval immers de beste verdediging. Zijn welsprekendheid en overtuigingskracht brengen de kippen tijdelijk in het gelid, maar de eensgezindheid blijkt van korte duur. Er ontstaat een nieuw debat over de positie van de verschillende kippen binnen het leger. Na veel gebakkelei wordt een compromis bereikt: door de kleuren af te wisselen ontstaat een uniform leger waarin elke kip haar plaats vindt. Pas wanneer de aanval al is ingezet, dringt de vraag zich op of een leger wel de beste oplossing was. De parallel met de politieke realiteit is treffend: de kippen discussiëren, stemmen, roepen door elkaar, veranderen van standpunt, schuiven leiders naar voren en beginnen telkens opnieuw. Ook voor kleuters zijn thema’s als gehoord worden, samenwerken en een plaats vinden binnen een groep herkenbaar. De expressieve illustraties versterken het levendige gekakel en dragen bij aan de humor van het verhaal, dat bovendien uitmondt in een verrassend einde. Het is dan ook niet verwonderlijk dat dit prentenboek meermaals werd bekroond. De manier waarop thema’s als samenwerking, luisteren en democratie worden verweven in een geestig en tegelijk spannend verhaal, maakt dit boek bijzonder waardevol voor jonge kinderen en hun voorlezers.
Cardon, L. (2026). Alle kippen verzamelen! Een kakelbont verhaal. Haarlem: Gottmer.
Frank is een sympathieke worm die een onwaarschijnlijke vriendschap sluit met een zachtmoedige brachiosaurus. Tegen alle verwachtingen in is het Frank die al vroeg aankondigt dat hij de dino ooit zal opeten. Ondersteund door de stripachtige illustraties in frisse kleuren legt Frank uit welke rol wormen spelen in de natuur. In het bijzonder wordt zichtbaar hoe zij afgestorven natuur afbreken en zo bijdragen aan nieuw leven. Terwijl de seizoenen verstrijken, zien we hoe de natuur haar eigen ritme volgt en hoe de zorgzame vriendschap tussen de twee dieren steeds rijker wordt. Zoals Frank vanaf het begin aangeeft, is de dood onvermijdelijk, maar tegelijk ook een schakel in een groter geheel. Het verhaal maakt de kringloop van het leven op een heldere en toegankelijke manier inzichtelijk, zonder aan warmte of lichtheid in te boeten. De licht filosofische ondertoon nodigt uit tot gesprek, terwijl de vertelling voldoende concreet en visueel blijft voor jonge lezers. Een aanrader!
Duff, D. & Coppo, M. (2026). Let maar op, ik eet je op. Haarlem: Gottmer.



