THEMATOPPER

The day war cameDe dag waarop de oorlog toeslaat, komt voor het jonge meisje in dit verhaal totaal onverwacht. De ochtend verloopt zoals gewoonlijk met een broertje dat thuis in slaap wordt gewiegd en een tekenles op school. Na de middag slaat plots een aanval op het dorp een gat in het leven van het meisje. Van haar familie en haar thuis blijft niets meer over, er is enkel nog oorlog. Ze onderneemt op haar eentje de huiveringwekkende vlucht naar de andere kant van de wereld, waar zij in eerste instantie niet welkom wordt geheten. Nadat een lerares haar een plaats in de klas weigert, wordt die vervolgens wel aangeboden door een jongetje uit de klas die haar een lege stoel aanbiedt. Zo eindigt het verhaal met een nieuw begin voor het hoofdpersonage.

In 2016 weigerde Groot-Brittannië asiel aan 3000 vluchtelingenkinderen. Nicola Davies schreef uit protest een gedicht, dat het startpunt was van de campagne ‘3000 chairs’. Verschillende kunstenaars tekenden een stoel als symbool voor een plaats voor ieder kind in het onderwijs. Hetzelfde gedicht leidde tot het prentenboek ‘The Day War Came’. De poëtische stijl van de tekst en de ietwat naïeve tekenstijl van Rebecca Cobb verzachten de realiteit van het verhaal, zonder die uit de weg te gaan. Het einde legt de hoop in de handen van kinderen. Wij kunnen starten met hen het boek aan te bieden. Een deel van de opbrengst van de verkoop gaat naar ‘Help Refugees’. Meer info vind je via deze link.

Davies, N. (2018). The Day War Came. London: Walker Books.


JONGE KLEUTERS

Steen voor steenDit tekstloze kartonboek brengt op een erg duidelijke manier in beeld wat er gebeurt wanneer je de hand reikt aan onbekenden. Een muis plukt een bloem die op een muur groeit en doet op die manier een steen uit de muur vallen. Zo ontdekt de muis samen met haar vriendjes dat er achter de muur ook nog wereld is. Steen voor steen breken ze de muur af en komen zo bij een groot water terecht. Op de andere oever van dat water ontdekken ze voor hen onbekende dieren. Dus bouwen ze met de stenen een brug en zo kan een ontmoeting plaatsvinden. Eenvoudig verhaal met eenvoudige illustraties dat geschikt is voor jonge kleuters en hen doet stilstaan bij anders-zijn, vriendschap en samenwerken. Drie niet zo eenvoudige thema’s voor jonge kinderen.

Ferri, G. (2016). Steen voor steen. Rijswijk: De Vier Windstreken.


imagineDe tekst staat in groot lettertype afgedrukt bij de kleurige prenten, die het verhaal vertellen over een postduif die vredestakjes rondbrengt naar verschillende vogelsoorten. De vogelsoorten in het boek hebben geen ruzie met elkaar, maar vechten juist onderling, binnen hun eigen soort. De boodschap is voor elke vogelsoort echter hetzelfde: stop met vechten en ruzie maken en wees lief voor elkaar. Deel met elkaar. En op het moment dat dat lukt, zie je dat de vogelsoorten in het boek gaan samenwerken en samenkomen.

Lennon, J. (2017). Imagine. Amsterdam: Leopold.


OUDERE KLEUTERS

Groen en rood maken ruzieDe groene hagedissen – erg beweeglijk en wendbaar – en de rode rechthoeken – sterk en stevig – hebben ruzie. Waarom? Dat weet niemand. Maar er komt wel oorlog van. Tot op een dag een kleine rode rechthoek roept dat ze moeten ophouden. En zo plots als die oorlog begonnen is, stopt hij ook weer. Het prentenboek is sterk visueel en heeft daarom ook maar weinig tekst nodig. Die beperkte tekst vormt een aanzet voor verder fantaseren. Door het kleurgebruik – enkel rood en groen – en de manier waarop groen en rood met elkaar in de clinch gaan, is haast voelbaar wat echte oorlog betekent en hoeveel aangenamer het is in vrede te leven. Het boek kan gebruikt worden als uitgangspunt voor een gesprek over oorlog en vrede, maar dat hoeft niet. Soms komen prentenboeken beter tot hun recht als de boodschap er niet te sterk uitgehaald wordt.  

Antony, S. (2018). Groen en rood maken ruzie. Hasselt: Clavis.


De muis en de muurZoals je op de cover kan zien, trippelt Muis over een grote bakstenen muur. Onderweg komt ze verschillende dieren tegen: Bange Kat, Oude Beer, Vrolijke Vos, … Niemand van hen lijkt nog te weten waar die gigantische muur vandaan komt, maar één ding is voor hen wel duidelijk: ze durven zich niet naar de andere kant van de muur te begeven, omdat het daar hoogstwaarschijnlijk gevaarlijk is. Muis kan haar nieuwsgierigheid toch niet bedwingen en vliegt uiteindelijk op de rug van Hemelsblauwe Vogel naar de andere kant van de muur. De schoonheid die ze daar ontdekt, had Muis zich niet kunnen inbeelden. Dit kleurrijk vormgegeven verhaal met treffende woordkeuze spoort kleuters aan hun natuurlijke zin voor ontdekking en verwondering te blijven verkennen, liever dan die om te zetten in angst en onzekerheid. Een aanrader!

Teckentrup, B. (2018).  De muis en de muur. Haarlem:Gottmer


OnderweWat alle dagen in de berichtgeving terugkomt, wordt op kindermaat vertaald in dit prentenboek. De waarheid wordt niet geschuwd, maar we krijgen ze te zien door de ogen van een jonge vluchtelinge die samen met haar moeder haar eigen land ontvlucht. Er is sprake van een lange bootreis, treinen en grenzen en daarbij wordt bv. de vergelijking gemaakt met de vogels waarvoor geen landsgrenzen bestaan. Toch is er ook hoop in dit boek. In de eerste plaats d.z. de vastberadenheid, het doorzettingsvermogen en de troost die de moeder altijd weer biedt. Maar zeker ook door het open einde waarin de jonge vluchteling de hoop uitspreekt terecht te kunnen komen in een land waar plaats is voor hen. Kleurgebruik en illustraties in eerder gedempte kleuren ondersteunen de tekst en schetsen zonder woorden een beeld van de dingen waarmee vluchtelingen in aanraking komen. Echt een bijzonder boek!

Sanna, F. (2016). Onderweg. Leuven: Davidsfonds.


Max en de toverstenenMax, een rotsmuis, leeft in een grote rotsmuizengemeenschap op een eiland in zee. Ze leven mee met de seizoenen en zijn best tevreden. Op een dag ontdekt Max in een rotsspleet een fonkelende (maan)steen. Zo’n steen wil iedereen wel … Vanaf dat moment splits de vertelling en kan je kiezen voor een goed einde – voor elke maansteen krijgt het eiland een mooi versierde steen terug – of een slecht einde – de muizen plunderen de berg die instort en zo zijn ze hun leefomgeving kwijt. Hoewel beide opties redelijk kort door de bocht zijn, bieden ze toch de mogelijkheid om met de kleuters het gesprek aan te gaan over de milieuproblematiek, natuur en hebzucht.

Pfister, M. (1997). Max en de toverstenen. Een verhaal met een goed en een slecht einde. Rijswijk: De Vier Windstreken.


Ssst, luisterVoor wie houdt van de illustraties van Tony Ross is dit boek een pareltje. De boodschap van het verhaal is vrij eenvoudig, maar het duurt wel even voor die duidelijk wordt. Daarvoor moet de toehoorder zijn medewerking verlenen. Het is immers zo lawaaierig op de wereld dat de belangrijke mededeling van de spitsmuis ‘Als we zouden luisteren naar elkaar, zou er vrede zijn.’ haast niet gehoord wordt. Dat nare omgevingslawaai wordt – zoals gezegd – door de illustrator mooi in beeld gebracht en ook de lay-out van de tekst speelt hier zijn rol.

Willis, J. (2004). Ssst, luister. Amsterdam: Sjaloom.


Jij begon, nee jij!Wie naar aanleiding van de Internationale Vredesdag met één of meerdere kleuters het gesprek wil aangaan over de onzin van oorlog en ruzie maken vindt in dit boekje een prachtig uitgangspunt. Twee monstertjes wonen elk aan één kant van een berg. Ze hebben elkaar nog nooit echt ontmoet maar spreken met elkaar door een holte in de berg. Op een avond zegt het blauwe monster tegen het rode monster: ‘De zon gaat onder, de dag is voorbij.’ Het rode monstertje is het daarmee niet eens en zegt: ‘Sukkel, je bedoelt zeker dat de nacht begint.’ En zo krijgen ze ruzie. Het gaat van kwaad naar erger: eerst ruziën ze enkel met woorden, daarna beginnen ze stenen te gooien en ze houden niet op tot de nacht valt. Dan staan ze plots oog in oog met elkaar want ze hebben al stenen gooiend de ganse berg afgebroken. ‘De nacht begint,’ zegt het blauwe monstertje. ‘Wat je zei klopt,’ zegt het rode, ‘De dag is voorbij.’ Samen kijken ze naar de zonsondergang en samen hebben ze een beetje spijt dat er nu geen berg meer is.

McKee, D. (2005). Jij begon! Nee, jij! Amsterdam: Ploegsma.


Mijn twee dekensOok kleuters worden geconfronteerd met beelden van verkleumde en wezenloos voor zich uitkijkende vluchtelingen. Maar hoe kun je hen begrip laten opbrengen voor deze mensen en hen laten aanvoelen wat zij doormaken. Het voorliggende prentenboek helpt daarbij. Het probeert met erg mooie illustraties in warme kleuren en gerichte tekst een beeld te schetsen van hoe vluchtelingen zich voelen. De ik-figuur in dit prentenboek is een Afrikaans meisje dat zich thuis in een deken wikkelt dat ze zelf maakt van woorden en geluiden die ze kent uit haar land van herkomst. Het deken heeft vooral warm-gele en rode kleuren. In het land waar ze aanbeland is, is alles vreemd: de mensen, de planten, de dieren, het eten, de klanken, …Op een dag sluit ze vriendschap met een meisje dat haar woorden leert in de taal van het nieuwe land. Het Afrikaanse meisje herhaalt en herhaalt die woorden tot ze zich eigen heeft gemaakt. Dan kan ze met die woorden een nieuwe deken weven in haar hoofd. Een deken in de lichtgroene en lichtblauwe tinten van haar nieuwe land.

Kobald, I. (2016). Mijn twee dekens. Een vluchteling komt bij ons wonen. Antwerpen: De Vries-Brouwers.