Prentenboeken Muziek

JONGE KLEUTERS

9789044828085In deze reeks rond muziek verschenen acht verschillende geluidenboekjes. Zowel klassieke muziek (bv. Mozart) als meer hedendaagse muziekvormen (bv. jazz) en wereldmuziek (bv. Afrikaanse muziek) komen aan bod. Het concept is in elk boekje ongeveer hetzelfde: Paco gaat met één of meerdere vriendjes op reis en komt zo in aanraking met een bepaald muziekgenre. Of Paco en zijn vrienden houden ervan de muziek van Mozart uit te voeren en een muziekfeest in de stad te bezoeken. Of Paco bezoekt samen met poes het operagebouw en tijdens dat bezoek raken ze hun gids kwijt. Daardoor komen ze in allerlei ruimtes van het operagebouw terecht. De acht boekjes hebben als gemeenschappelijke factor dat ze de betreffende muziek in korte stukjes laten horen wanneer de lezer op een geluidsicoontje drukt. De geluidsicoontjes staan verspreid op de verschillende bladzijden van het boek. Het grootste voordeel van deze muziekfragmenten is dat ze helder van klank zijn en het gehoor van kleuters niet bederven (zoals bij sommige speelgoedmuziekinstrumenten wel het geval is). Achteraan in elk boekje vind je een soort ‘samenvatting’, bv. een opsomming van de verschillende muziekinstrumenten of een korte uitleg bij termen uit de muziek zoals ‘koor’ of ‘ouverture’.

Geluidenboeken rond personage Paco van Magali Le Huche (Clavis)


9200000059824859Clavis geluidenboekjes voor peuters is – tot nog toe – een reeks van 16 boekjes rond geluiden waarvan er zes boekjes specifiek rond muziek handelen. Denk aan ‘Wereldmuziek’, ‘Klassieke deuntjes’, ‘Mooie muziek’, … Ook hier weer geluidsicoontjes die toegang geven tot muziekfragmenten die helder van klank zijn. Elk kartonboekje bestaat uit 6 dubbele bladzijden met 6 geluidsfragmenten en een minimum aan tekst. Zeker geschikt als eerste kennismaking met muziek en muziekgenres.

Geluidenboeken Marion Billet (Clavis)


9200000006516922Muis en haar vriendjes vormen samen een muziekband: Muis speelt op de drums, krokodil Kees op de contrabas, Cora de kip speelt piano. Oscar de olifant geniet – vreemd genoeg – van het kleinste instrument, de triangel en Eekhoorn Eddie speelt trompet. Hoe plezierig samen muziek maken is, kun je in dit boekje werkelijk op elke bladzijde zien. Dat positieve is ook een van de elementen die de boeken over Muis telkens opnieuw zo aantrekkelijk maken. Samen met het feit natuurlijk dat het flapjesboeken zijn en dat er dus steeds beweging (mogelijk) is. Het boek eindigt in een heuse apotheose want op de laatste dubbele bladzijde komt de muziekband samen met het enthousiaste publiek in pop-up tevoorschijn.

Cousins, L. (2012). Muis maakt muziek. Amsterdam: Leopold.


9200000085027284Een heleboel muzikanten zijn onderweg naar het verjaardagsfeest van Otter. Bruine beer speelt op zijn dwarsfluit een regel uit ‘Happy Birthday to you’. Door een druk op de knop kun je dat regeltje muziek horen. Daarna volgen de volgende regels telkens om de beurt vertolkt door een ander dier: das (gitaar), vos (contrabas), streepjeskat (viool)en rendier (piano). Op de laatste illustratie over een dubbele pagina zie je dat de dieren op het feest gearriveerd zijn en veel plezier maken. En als klap op de vuurpijl is er op het verjaardagsfeest ook een taart met een kaars die gaat branden (via een drukknopje). Erg herkenbaar, grappig geïllustreerd en stevig muziekboek voor peuters.

Slater, N. (2018). Fijne verjaardag voor jou! Haarlem: Gottmer.


9200000078874594

Een typisch kenmerk van H.Tullet is dat hij er elke keer weer in slaagt interactieve prentenboeken te ontwerpen. In al hun eenvoud – gebruik van primaire kleuren, gevarieerde opdrachten, stippen en lijnen – slagen deze boeken er in de aandacht van de kinderen echt gaande te houden en hen sterk bij het voorlezen te betrekken.
In dit boek staat geluid centraal. Het boek start met een kleine blauwe cirkel waaraan het woordje ‘OH!’ gekoppeld wordt. Bij een grotere blauwe cirkel hoort een luider uitgesproken ‘OH!’ en wanneer de cirkels in een rij staan bepaalt de afstand tussen de cirkels het tempo van de ‘OH’s!’ (In dit geval: hoe verder de stippen uit elkaar staan, hoe langzamer het tempo.) Uiteraard komt er een vriendje van de blauwe cirkel opdagen: de rode cirkel. Die staat voor ‘AH!’. Vanaf nu kunnen de vrienden praten met elkaar en kunnen ‘OH’s’ en ‘AH’s’ gecombineerd worden. Uiteindelijk komt er nog een derde vriendje, een gele cirkel. Hij heet WOW. Die combinatie opent weer nieuwe mogelijkheden. In al zijn eenvoud is de uitwerking van drie stippen met hun eigen klank fantastisch. Tullet creëert een wereld van geluid en laat jonge kinderen kennismaken met muziek.

Tullet, H. (2017). Een boek vol geluid. Antwerpen: Oogappel.


9200000030108037‘Bij ons in de straat’ en ‘Bij ons in het circus’ zijn de twee andere boeken waarin auteur Koos Meinderts aan de hand van pittig rijm bepaalde items voorstelt. In dit derde deel van de reeks stelt hij een muzikale familie voor. Meteen kan de auteur ook blijven stilstaan bij de verschillende muziekinstrumenten die de familieleden van jong tot oud bespelen. Er zijn ook erg bijzondere ‘muziekinstrumenten’ bij. Denk aan een rammelaar of een zaag of de toch niet zo alledaagse doedelzak. In elk geval hebben alle familieleden een verschillend instrument: Nichtje Nora op haar dwarsfluit kan echt spelen wat ze wil. Als Noor begint te fluiten vallen alle vogels stil. Het samen bespelen ervan doet een warme sfeer ontstaan. Die spreekt duidelijk uit de illustraties van Annette Fienieg die de familiesfeer goed weet te treffen.

Meinderts, K. (2014). Bij ons in de familie. Rotterdam: Lemniscaat.


1001004010965903Er zijn mensen die altijd en overal muziek horen en niet anders kunnen dan bewegen op die muziek. Sonnie Boem is één van hen. Zijn moeder omschrijft hem als een orkest op zich. Het verhaal vertelt hoe Sonnie naar buiten gaat omdat hij er muziek hoort en zo allerlei mensen, dieren en geluiden tegenkomt. Dat leidt tot een fantastisch samenspel. Maar dan moet Sonnie weer op zoek naar het geluid dat hij hoorde. Leuk prentenboek dat toont dat je geen echte instrumenten nodig hebt om muziek te maken maar dat muziek overal in zit.

Van Ditshuizen, M. (2011). Sonnie Boem! Amsterdam: Leopold.


9200000010678021Geluiden uit het dagelijkse leven inspireerden Edward Van de Vendel tot een vijftigtal versjes rond geluid en uit het dagelijkse leven. Denk aan een koffiezetapparaat of een ballon. Het metrum van de versjes die niet noodzakelijk rijmen klopt erg goed waardoor ze vlot (voor) te lezen zijn. Er zitten ook een heleboel speelse talige elementen in. Het boekje is leuk geïllustreerd door Mattias De Leeuw. Net zoals de versjes niet super afgewerkt lijken, zijn zijn illustraties met strepen en vegen dat ook niet. Suggestie is het allerbelangrijkste. Luister maar:
‘Ik wreef en ik wreef en toen gilde mijn ballon.
Sorry.
Dacht dat hij tegen kietelen kon.’
Het alledaagse leven waaruit de onderwerpen voor de versjes afkomstig zijn, is hier verbeeld door een berenfamilie. Een olifant vult dat gezin af en toe aan. Echt leuk versjesboek waar geluid in zit.

Van de Vendel, E. & De Leeuw, M. (2013). Mijn fijne geluidenboekje. Wielsbeke: De Eenhoorn.


3011660Wie denkt dat het ‘s nachts stil is in het bos, luistert niet goed. Er is het Oehoe van de uil, het zachte roekoe-en van de duiven en naarmate het lichter wordt hoor je steeds meer dieren. De zanglijster laat haar trillers horen, de specht roffelt er op los, de kraaien krassen en in de verte is zelfs een haan te horen (geen bosdier natuurlijk – dat blijkt ook uit de afwijkende manier waarop die haan getekend is). Per dubbele bladzijde ontwaakt steeds een andere vogel en verandert de achtergrondkleur van de bladzijden naar hemelsblauw en ten slotte naar zonnegeel. Verrassend is de uitklapplaat aan het einde van het boek die allerlei bosdieren – hert, everzwijn, konijnen, … – toont die genieten van het bosorkest.

Van Genechten, G. (2010). Het grote bosorkest. Amsterdam- New York-Hasselt: Clavis.


OUDERE KLEUTERS

9200000045960914Het zonbeschenen woud – de illustratie waarmee het prentenboek opent – brengt de lezer meteen in de juiste sfeer. Op de eerste dubbele bladzijde is het woud nog leeg, maar daarin komt verandering. Luister maar: 

Op een dag in het woud vindt een kleine
beer iets wat hij nog nooit heeft gezien.
Wat zou het zijn? denkt hij.
Voorzichtig raakt hij het aan
met zijn berenklauwtjes.
Ploink!
Het vreemde ding maakt een lelijk geluid.

De kleine beer gaat weg maar voelt zich toch aangetrokken tot de piano en komt de dag nadien terug. Naarmate hij erop speelt en zelf opgroeit slaagt hij erin prachtige klanken te onttrekken aan de piano. De klanken voeren de volwassen grizzly en zijn luisterende dierenvrienden weg uit het woud en doen hem dromen van andere wouden en verre landen. Op een dag wordt hij ontdekt door een vader en zijn dochter die hem ervan kunnen overtuigen met hen naar New York te gaan. De grizzly wordt wereldberoemd maar optreden na optreden verlangt hij meer naar het woud en zijn vrienden daar. De in smoking gehulde beer besluit New York te verlaten en al snel zie je hem weer op zijn vier poten rondrennen in de gelukzalige zekerheid dat zijn woudvrienden er nog altijd zijn. Het prachtig geïllustreerde prentenboek geeft de lezer een inkijk in het woud doorheen de verschillende seizoenen maar schetst evenzeer een beeld van het drukke stadsleven en van het leven van een beroemde pianist.

Litchfield, D. (2015). De beer en de piano. Rijswijk: De Vier Windstreken.


9789051166910Hector is een straatviolist die altijd vergezeld is van zijn hond Bruno. In de stad waar zij optreden wordt een pianospelende beer erg beroemd. Jammer voor Hector want er komen steeds minder mensen naar hem luisteren. Hector besluit te stoppen met viool spelen en komt vanaf dat moment haast niet meer buiten de deur. Bruno verveelt zich erg bij de steeds meer slapende Hector en begint – op het dak – viool te leren om de tijd te verdrijven. Na een jaartje speelt Bruno erg goed en de hele buurt geniet van zijn vioolspel. Zo ontdekt de pianospelende beer hem. Tegen de zin van Hector – hij zegt echt lelijke dingen tegen zijn hond – vertrekt Bruno samen met de beer en nog wat andere muzikale dieren om een muziekband te vormen. Hector heeft haast onmiddellijk spijt van wat hij tegen Bruno gezegd heeft. Maar het is te laat. Bruno is vertrokken. De dierenmuziekband wordt heel snel  beroemd en op een dag treedt hij op in de stad waar Hector nog steeds woont. Zal Hector een voorstelling bijwonen en Bruno zijn succes gunnen? Net zoals in ‘De beer en de piano’ vallen de prachtige illustraties in dit boek het meeste op. Ze stralen veel warmte uit en zelfs zonder tekst zorgen ze ervoor dat je veel sympathie voelt voor de personages en dat je de muziek die ze maken wel lijkt te horen.

Litchfield, D. (2018). De beer, de piano, de hond en de viool. Rijswijk: De Vier Windstreken.


9200000000037793In de tijd van ridders en kastelen waren er veel rondtrekkende muzikanten. Valentijn wordt dat ook nadat hij omwille van zijn vreselijke vioolspel uit de stad verjaagd wordt. Toch helpt de muziek die hij maakt soms wel bv. om een paard de kar uit de sloot te laten trekken. Het paard schrikt zich immers een hoedje van Valentijns muziek. Valentijn blijft trouwens nietsvermoedend muziek maken en gelooft echt dat hij prachtig speelt. Zijn vioolspel is tenenkrullend en schrikt veel mensen af.  Zo verjaagt Valentijn een vijandelijk leger en voorkomt dat een stad wordt ingenomen. Als beloning wordt Valentijn op het kasteel uitgenodigd. Hij belooft zichzelf om tijdens zijn bezoek aan het kasteel nog eens supermooi te spelen. Maar zal iedereen zijn spel appreciëren? De dynamische illustratiestijl zorgt voor de werveling die een boek over muziek nodig heeft.

Hopman, P. (2012). Valentijn en zijn viool. Rotterdam: Lemniscaat.


9789058386366De toren uit de titel is in dit prentenboek een flatgebouw waar de buren erg veel last hebben van het lawaai dat ze met z’n allen maken. Er is een man die samen met zijn vogels fluit, zijn buurman speelt trompet om het gefluit te overstemmen, de onderbuurvrouw speelt viool om haar beide bovenbuurmannen een hak te zetten, op het dak speelt een clown op zijn tuba, … Kortom, hoe verder je komt in het boek hoe meer muziek/lawaai er is. Gelukkig is er in het flatgebouw ook een meisje met een goocheldoos. Wanneer zij naar buiten gaat en haar toverstokje gebruikt… Het tekstloze prentenboek laat alle ruimte om je eigen verhaal te maken en dat verhaal de goede – uiteindelijk spelen de flatbewoners samen muziek – of de slechte kant – uiteindelijk vliegen de flatbewoners elkaar in de haren – uit te laten gaan. In die zin laat het boek ook veel ruimte tot gesprek met de kleuters over muziek en wat muziek is maar ook over elkaar respecteren en rekening houden met elkaar.

Smit, N. (2010). Een toren vol muziek. Wielsbeke: De Eenhoorn.


zoemtrompetPieka woont in de stad en wordt gek van het lawaai dat daar overal om haar heen is. Zonder iets te zeggen sluipt ze zachtjes het huis uit en verlaat de stad. Buiten in de natuur is het veel rustiger en dat maakt Pieka zelf ook rustiger. Maar dan komt ze in een wolkbreuk terecht en begint te twijfelen of weglopen uit de stad wel een goed idee was. Tot de zon door de wolken breekt, alles opklaart en ze opeens een trompet ziet liggen. Eerst blaast ze er erg luid op maar dan ontdekt Pieka wat er gebeurt als ze er zachtjes op blaast. Geluiden worden meegevoerd door de wind, worden echo’s en wekken droomdieren tot leven … Dit filosofisch prentenboek zet de tegenstelling tussen stilte en lawaai op een prachtige manier op scherp. De illustraties in zwart, wit en rood leveren hieraan een belangrijke bijdrage. De tekst die ofwel rond de kleine illustraties buitelt of onderaan paginagrote illustraties is neergezet, hanteert een woordgebruik dat niet altijd even eenvoudig is. Hij geeft net voldoende informatie om een echt verhaal te zijn. Een evenwichtig samenspel rond het belang van luisteren, stilte, muziek en het omgaan met lawaai. Bovendien een prentenboek dat heel mooi aansluit bij de bezorgdheid om het klimaat waarvan kleuters zeker klanken oppikken.

Scheer, K. (2018). Zoemtrompet. Hasselt: Clavis.


9200000076273534Elf versjes zijn bijeengebracht door Bette Westera  die hiermee echt niet aan haar ‘versjes-proefstuk’ toe is. De versjes hebben verschillende onderwerpen zoals ‘herfst’, ‘familie’, doen alsof’, … Twee ervan gaan uitdrukkelijk over ‘muziek’. Niet muziek in de klassieke zin van het woord maar wel muziek die je kunt maken met keukengerei. Zoals we gewend zijn van deze auteur is het metrum erg goed wat zorgt voor gemakkelijk onthouden. Bovendien zitten er altijd ondeugende aspecten in wat de versjes erg prettig maakt om aan te brengen. Altijd een leuke aanvulling bij prentenboeken over muziek.

Westera, B. (2017). Muziek in de pannen. Antwerpen: Zwijsen.


1001004001516876Krokodil vindt van zichzelf dat hij een kunstenaar-muzikant  is. En kunstenaars moeten veel oefenen. Dus speelt hij viool, de hele dag door. Zijn buurman Olifant wordt er gek van en besluit ten einde raad een trompet te kopen en zichzelf ook tot kunstenaar uit te roepen. Ze spelen tegen elkaar op en het gaat van kwaad tot erger. Want op een dag begint Krokodil de muur tussen beide huizen te bewerken met een boor. Daarop haalt Olifant een sloophamer te voorschijn. Wanneer de muur het begeeft, komen Krokodil en Olifant tot inkeer en beginnen samen muziek te spelen. Samen worden ze wereldberoemd. Deze klassieker van Max Velthuijs is stilaan dertig jaar oud maar staat er nog steeds als je met kleuters rond muziek aan de slag wil. Ook hier weer de voor Velthuijs typische ‘ingekaderde’ illustraties die ervoor zorgen dat het boek een opeenvolging van vrolijke schilderijtjes wordt.

Velthuijs, M. (2009). Trompet voor Olifant. Amsterdam: Leopold.


1001004001994036Een jonge vos leeft met zijn ouders in een burcht onder de grond. Het is daar heel stil. Wanneer Vosje bovengronds komt, is ze superblij met alle geluiden die ze daar hoort. Tot ergernis van haar ouders bootst ze die geluiden na en maakt daardoor te veel lawaai om wild te kunnen vangen. Op een dag wordt de vossenfamilie betrapt bij het stelen van een kip. Maar het mooie gezang van Vosje weet de jager te vermurwen. Hij laat hen vrij. Dat verhaal gaat de dierenwereld rond en iedereen wil nu naar Vosje komen luisteren. Zo wordt Vosje beroemd en ouder geworden zet ze ook muzikale vossenkinderen op de wereld. De erg mooie en sfeervolle illustraties zijn paginagroot en beslaan soms een dubbele pagina. De tekst is beperkt, hanteert een niet altijd even gemakkelijk woordgebruik en is in de illustraties gedrukt. Een ‘leerrijk’ boek in alle betekenissen van het woord.

Heine, H. (2004). Vosjesmuziek. Hasselt: Clavis.


9200000045783241Wie kent niet het muzikale sprookje van ‘Peter en de wolf’ gecomponeerd door de Rus Prokofjev? Het blijft een erg prettig verhaal om kinderen met verschillende muziekinstrumenten kennis te laten maken. In deze versie wordt de muziek gemaakt door het Rotterdams Philharmonisch Orkest en wordt de tekst gebracht door Paul de Leeuw. Hij doet dat in zijn geheel eigen stijl – waarvan je houdt of niet – en die soms wel erg Noord-nederlands aandoet. Denk bv. aan de uitdrukking ‘lullo’ die niet in de geschreven tekst staat maar wel door De Leeuw gebruikt wordt. Peter, het hoofdpersonage van dit muzikaal verhaal, is bevriend met de eend, de kat en het vogeltje. Hij wandelt naar de wei en laat daarbij het tuinhek openstaan. Tot ergernis van zijn grootvader die zich veel zorgen maakt over een wolf die in de buurt gesignaleerd werd. De woorden van de opa zijn nog niet koud of de wolf verschijnt al, eet de eend op met huid en haar en lonkt naar het vogeltje. Peter slaagt er met een list in de wolf te vangen. Samen met zijn opa en andere jagers brengen ze hem naar de dierentuin. Elk figuur in dit verhaal wordt getypeerd via een bepaald instrument. De verschillende instrumenten en personages staan mooi afgebeeld in het bijhorende prentenboek voorafgaand aan het verhaal. Op de cd gebeurt hetzelfde: je hoort de instrumenten voorafgaand aan het eigenlijke ‘muziekstuk’. Mooie uitvoering van muziek die ook kleuters toelaat verschillende instrumenten van elkaar te onderscheiden.

De Leeuw, P. (2015). Prokofjev. Peter en de wolf. Haarlem: Gottmer.


9200000045783250Uitgeverij Gottmer heeft verschillende prentenboeken gemaakt met een bijhorende cd waarmee ze klassieke muziek voor jonge kinderen toegankelijk wil maken. Meestal wordt bij de muziek een verhaal gelezen maar bij het ‘Carnaval der dieren’ van Camille Saint-Saëns is geopteerd voor poëzie. Ivo De Wijs heeft op zijn eigen onnavolgbare wijze bij elk dier/groepje dieren een humoristisch versje gemaakt dat hij zelf leest nadat kinderen het bijhorende stukje muziek gehoord hebben. Dat vergemakkelijkt het ook voor de kinderen zelf om de muziek te volgen in het prentenboek. De kleurrijke illustraties zijn van de hand van Thé Tjong King en spetteren dus zoals steeds. Want wat spreekt bv. meer tot de verbeelding dan bij het fluitconcert Volière een erg dikke kanarie te zien zitten die bijna uit zijn kooi barst en het versje dan als volgt gaat:

Deze kanarie, ja
geen zin heeft in het zingen van een aria.
De vogel zei: ‘Ik heb geen trek
Ik wil graag naar de tropen.
We spreken af: ik doe m’n bek en jij het deurtje open!

Bij dergelijke versjes wordt het bijna vanzelfsprekend om ook echt naar de muziek te luisteren. De muzikanten zijn trouwens ook niet de eerste de besten. Denk aan Martha Argerich of Isabelle van Keulen. Een aanrader dus.

De Wijs, I. (2015). Saint-Saëns. Het Carnaval der Dieren. Haarlem Gottmer.


9200000051724641De balletmuziek ‘Doornroosje’ van Peter Tsjaikovski wordt in dit prentenboek met cd vergezeld van het sprookje dat een beetje vlotter herschreven werd door Eric van Os en Elle van Lieshout. Charlotte Dematons is verantwoordelijk voor de waterverfillustraties die de sfeer van het sprookje juist treffen. Het is wel leuk dat er op elke bladzijde dezelfde kikker te zien is; nu eens is hij een boodschapper van het goede nieuws, dan weer heeft hij geen bepaalde functie maar is het de kunst hem te ontdekken. Misschien is er één minpuntje – hoewel ik zelf niet weet hoe dit anders op te lossen – maar van de muziek zelf krijg je binnen het verhaal enkel de relevante delen te horen. Daardoor is de compositie als geheel niet te beluisteren. Gelukkig staan de weggelaten gedeelten wel als extra op de cd.

Van Os, E. & Van Lieshout, E. (2016). Tsjaikovski. Doornroosje. Haarlem: Gottmer.


1001004011526877Het eeuwenoude thema ‘liefde overwint alles’, werd door P. Tsjaikovski op muziek gezet onder de titel ‘Het Zwanenmeer’. Het verhaal werd herwerkt en wordt op de cd voorgelezen op een expressieve manier. Jammer genoeg heeft de vertelster een uitgesproken ‘Hollands’ accent. Noëlle Smit maakte op elke bladzijde een kleurige tekening die de sfeer van het verhaal en de rijkdom en de luxe van het leven van de verliefde prins goed treft. Op die manier ontstaat een mooi prentenboek dat met of zonder de cd kan gebruikt worden. Tijdens het verhaal is een gedeelte van de muziek te beluisteren. De rest van de compositie staat na het verhaal als extra op de cd.

Huiberts, M. (2016). Tsjaikovski. Het Zwanenmeer. Haarlem: Gottmer.

Nog verschillende andere componisten kregen een plaats in de reeks ‘Klassieke muziek’ van uitgeverij Gottmer.


9200000030321868‘De Notenkraker’ is een klassiek en beroemd ballet maar het is wel gebaseerd op een sprookje van E.T.A. Hoffman ‘De notenkraker en de muizenkoning’. Het is dat sprookje dat in dit prentenboek tot leven komt. Op kerstavond krijgt Clara van haar oom een houten soldaat die ook als notenkraker kan dienst doen. Nog dezelfde nacht komt Clara erachter dat de soldaat levend kan worden. Hij vertelt haar zijn verhaal en wanneer dan de muizenkoning met zijn leger tegen de soldaat ten aanval trekt, helpt Clara de ‘notenkraker’ om dat leger te verslaan. Zonder dat Clara zich hiervan bewust is, heeft ze daardoor de betovering doorbroken en neemt de prins haar mee naar een feest op het kasteel. De illustraties in dit prentenboek beslaan meestal een dubbele pagina en wisselen kleur en wit-zwart af.

Leysen, A. (2014). De Notenkraker. Hasselt: Clavis.


uitgeverij-christofoor-de-notenkraker.jpgHetzelfde verhaal als beschreven in het vorige boek. Maar ditmaal bestaat de mogelijkheid om stukjes van de compositie te beluisteren door op een toets te drukken die in elke dubbele pagina verwerkt zit. Wel jammer dat de muziek wat ‘speelgoedachtig’ klinkt. De teksten staan in de illustraties weergegeven in ovalen lijsten. De kleur rood is opvallend aanwezig. Dat heeft mogelijk te maken met het feit dat ‘De Notenkraker’ vooral in de kerstperiode wordt opgevoerd. Achteraan in het boek krijgt de lezer ook een beetje informatie over Tsjaikovsky, de componist.

Tickle, J.C. (2017). De Notenkraker. Zeist: Christofoor.


9200000093568419Iedereen kent het verhaal van Doornroosje die tijdens haar geboortefeest door een boze fee vervloekt wordt. Via paginagrote, kleurrijke en gedetailleerde illustraties komt dit sprookje tot leven. Maar de echte meerwaarde van dit prentenboek zit in het feit dat het vergezeld wordt van muziek. Een orkest voert de muziek uit van het klassieke ballet De schone slaapster. Op elke bladzijde kan je die muziek oproepen door een druk op de knop. Vertellen terwijl de muziek speelt, zorgt voor een heel bijzondere sfeer. Na ‘De notenkraker’ waarin de muziek van Tsjaikovski onder de aandacht is gebracht, stelde Jessica Courtney-Tickle ook nog ‘Een jaar in één dag’ samen met de muziek van Vivaldi’s De Vier Jaargetijden. Doornroosje is het laatste in deze reeks van drie die echt de moeite waard is.

Tickle, J.C. (2018). Doornroosje. Zeist: Christofoor.


De vuurvogel omslag Ned.inddHet in oorsprong Russische sprookje ‘De vuurvogel’ werd vooral bekend door de muziek die Igor Stravinsky op basis van het verhaal maakte. Die Russische herkomst is de inspiratiebron voor illustratrice Charlotte Gastaut. Russische motieven en kunst zijn dan ook erg herkenbaar in dit boek. Hoofdpersoon ‘de vuurvogel’ uit het betoverde bos gaat  met zijn goud-gele kleuren met de meeste aandacht lopen. Daarnaast valt vooral erg kunstig knipwerk op. Denk aan de kooi waarin Prins Iwan de vuurvogel opsluit, aan de doorkijkjes in het bos, aan… De doorkijkjes zorgen er bv. voor dat je als lezer het gevoel hebt zelf door het bos te dwalen. Opvallend detail is het kleurgebruik. De helden uit het verhaal zijn wit terwijl de slechteriken allemaal een groene kleur hebben. Het is duidelijk dat de illustraties in dit prentenboek het belangrijkste zijn. De summiere tekst wordt hier en daar bovenaan de bladzijde weergegeven. Op het einde is het volledige verhaal neergeschreven. Het is enigszins anders dan de tekst bij de prenten zelf.

Gastaut, C. (2015). De Vuurvogel. Zeist: Christofoor.