Prentenboeken ‘Blij & verdrietig zijn’

BLIJ ZIJN

haha muisDe ‘Muisboekjes’ van Lucy Cousins zijn meer dan gekend. Dit boekje laat via flapjes zien hoe je Muis en haar vriendjes aan het lachen kunt krijgen. Van een echt verhaal is er dus geen sprake, wel is er – zeker voor peuters – de leuke ervaring van het optillen van de verschillende flapjes om daaronder dingen te ontdekken. Want wat Muis en haar vriendjes aan het lachen maakt, zijn voor peuters en kleuters herkenbare dingen zoals: op het bed springen, kriebelen, gekke bekken trekken (voor de spiegel), …

Cousins, L. (2005). Haha, Muis! Amsterdam: Leopold.


blijVia een heleboel klanknabootsingen en zinnen op rijm geeft de tekst mooi weer op welke manier de kitten in huis rondstuitert, dingen doet omvallen, met veel lawaai dingen over de vloer sleurt, … Eerst slapen de andere dieren nog maar al snel doen mama poes en de hond mee. Een bol wol die overal onder en tussen raakt, is het mooiste poezenspeelgoed dat bestaat. De illustraties in krijt en aquarel tonen heel duidelijk de emoties van de dieren. Zo zie je hoe mama poes en de hond de kitten troosten wanneer hij zich bezeerd heeft. De beweging die overal aanwezig is wordt weergegeven door stippellijnen. Een prentenboek met een beperkt verhaal, maar waarvan de blijdschap afstraalt.

Ismail, Y. (2019). Blij. Rotterdam: Lemniscaat.


opvrolijkvogeltjeElke ochtend opnieuw moet Opvrolijkvogeltje aan de slag. Want altijd zijn er wel dieren die ruziën, moe zijn, getroost moeten worden, … Hoe doet Opvrolijkvogeltje dat? Met zijn vrolijke kleuren! Daar wordt iedereen blij van en daardoor worden ruzies en onenigheden opgelost. Op het einde van de dag wanneer het werk achter de rug is, vliegt de Opvrolijkvogel terug naar zijn nest; hij heeft geen mooie kleuren meer want die zijn allemaal weggegeven. Maar hoe moet het dan de volgende dag? Daarvoor zorgen de kleine opvrolijkvogeltjes die samen zitten op een tak in de buurt van het nest en ervoor zorgen dat Opvrolijkvogel al zijn kleuren terug krijgt en weer opnieuw kan weggeven. Het verhaal speelt zich af in de Australische dierenwereld vandaar dat wombats, koala’s, emoes en kangoeroes de dienst uitmaken. De illustraties zijn erg vrolijk in heldere tinten en zorgen voor een ondersteuning van het verhaal.

Van de Vendel, E. (2015). Opvrolijkvogeltje. Rotterdam: Lemniscaat.


cover.phpDe illustratie op de cover maakt meteen duidelijk waarover dit boek gaat: een schattig klein meisje op haar tenen op een reuzegrote regenboogkleurige glimlach. Een lach is een geweldig cadeau! Elke bladzijde verschijnt er iets dat allicht een lach op iemands gezicht tovert: een zon met een glimlach, een kop koffie, een vlieger in de lucht, een poes die langs je benen aait, … Ook hier weer geen echt verhaal maar een heleboel prenten om blij van te worden!

Witek, J. (2021). Ik ben blij. Antwerpen: Oogappel.


60f7a_9789045126418_cvrTrouwe volgers weten hoe aandachtig we poëziebundels voor jonge kinderen in het oog houden. Wanneer ronkende namen als Joke Van Leeuwen, Hans & Monique Hagen, Bette Westera, Erik van Os & Elle Van Lieshout, Simon Van der Geest en Pim Lammers de handen in elkaar slaan, weten we dat ons heel wat taalplezier te wachten staat. ‘Tintelvlinders en pantoffelhelden’ lost de verwachtingen in met een bonte verzameling versjes over bang, boos, verdrietig en blij zijn. Opgetogen wakker worden op de ochtend van je verjaardag, boos zijn zonder goed te weten waarom, verdrietig zijn om stuk speelgoed of een verhuis, bang zijn voor de nacht … De gevoelens zijn herkenbaar en vertrouwd, maar de teksten zijn fris en nieuw. Sanne te Loo overtreft zichzelf in de zachte en expressieve illustraties die de herkenbare gevoelens voor jonge kinderen bijzonder mooi verbeelden. Kijk maar:

Van der Geest, S. & Hagen, H. e.a. (2021). Tintelvlinders en pantoffelhelden. Amsterdam/Antwerpen: Querido.


550x445Een beer en een zevenslaper sluiten vriendschap. Beer ruilt – na lang aarzelen – zijn rode kussen tegen de fluit van de zevenslaper, maar op die fluit muziek maken lukt Beer niet. Dus suggereert de zevenslaper een nieuwe ruil: hij zal muziek maken als beer… Ze ruilen net zolang tot beer alles heeft weggeven en enkel nog het geluk van een nieuwe vriend bezit. En daarnaast heeft wie gelukkig is altijd wel iets om weg te geven: een mooie ochtend, de geuren van de bloemen op een open plek in het bos, het gedartel van de wind, … Je merkt het al: de tekst is zeer expressief en prachtig om voor te lezen. Bovendien nodigt de tekst ook uit tot interactie want de kleuters zullen al snel meezeggen met het zinnetje ‘Fijn voor jou, fijn voor mij. Zijn we allebei blij.’ waarmee elke ruil wordt afgesloten. De illustrator maakt gebruik van een krijttechniek om te laten zien hoe beweeglijk beer is wanneer hij danst. Ook de mimiek van beer is sprekend en doet je als kijker/lezer glimlachen. Een heel fijne manier om over vriendschap te vertellen.

Pauli, L. (2009). Allebei blij. Haarlem: Gottmer.


9789047713944_frontDavids beste vriend vertelt vol liefde over hem. Met de kleurrijke bos bloemen in zijn haar is hij een opvallende verschijning, maar de vrolijke en zachtaardige jongen is werkelijk door iedereen geliefd, zelfs door de aan bloemen allergische juf. Op een dag begint David de bloemblaadjes te verliezen tot hij enkel nog prikkelige takken op z’n hoofd overhoudt. De blozende bloemenjongen wordt een bleke verschijning aan wiens takken z’n klasgenoten schrammen overhouden. Gelukkig heeft hij z’n beste vriend die de schrammen er graag bijneemt en tegelijk een manier zoekt om David te helpen. De bloemen die hij samen met enkele andere vrienden knutselt, brengen de oude David niet helemaal terug, maar toveren wel terug een glimlach op z’n gezicht. Tot er uiteindelijk tussen de papieren versies een nieuwe bloem, mooier dan ooit, in Davids haar verschijnt … Jarvis weet in dit zachtmoedige prentenboek een heel spectrum aan gevoelens op een zeer eenvoudige manier samen te brengen. De uitgepuurde illustraties in zachte kleuren op een witte achtergrond versterken de evolutie van Davids gevoelens terwijl het vertelperspectief van het klasgenootje de vriendschap heel meeleefbaar maakt. Zonder het verdriet sentimenteel of expliciet te maken weet de auteur feilloos de juiste snaar te raken. Die boodschap zullen ook jonge lezers moeiteloos oppikken.

Jarvis. (2022). De jongen met bloemen in zijn haar. Rotterdam: Lemniscaat.


Schermafbeelding 2022-08-23 om 21.26.48In het midden van de nacht kunnen de slapende jungledieren het gedaver van een stoet met niet minder dan tien vrolijke olifanten niet negeren. Het enthousiaste gezelschap is uitgelaten op weg naar een dansfeest. De andere dieren sluiten spontaan aan bij de uitbundige optocht die steeds feestelijker wordt dankzij ballonnen, muziek, eten … Naarmate de stoet aanzwelt, groeit ook de verwachting van een ongezien spetterend dansfeest. Totdat ze op hun bestemming aankomen … De zwierige tekenstijl van Van Straaten leent zich perfect voor dit soort vrolijke taferelen. Onvermijdelijk ontstaat ook bij de toehoorder een glimlach op het gezicht en zo vallen uiteindelijk het onderwerp en de beleving van dit verhaal helemaal samen. Heerlijk lezen heet dat dan!

Van Straaten, H. (2022). Tien olifanten op weg naar een dansfeest. Amsterdam: Leopold.


9789020998054-1Mevrouw Ja en Meneer Nee zijn met elkaar getrouwd en toch kunnen ze niet verschillender zijn. Die verschillen vat het boek samen als: ‘Mevrouw Ja omarmt het leven. Meneer Nee moet er eerst nog even over nadenken.’ Mevrouw Ja is ervan overtuigd dat haar man ‘ja’ kan zeggen, want de dag dat ze trouwden heeft hij dat gedaan. Maar dat neemt niet weg dat er elke dag wel iets is waar zij ‘ja’ op zegt en hij ‘nee’. Of het nu gaat over het ophangen van feestslingers, over vrienden uitnodigen, over een zonnige dag, … Meneer Nee ziet altijd de donkere kant. Maar dan gebeurt er iets vreemds: op een morgen wil Mevrouw Ja niet meer opstaan. Dan moet Meneer Nee wel positief worden… Humoristisch verhaal over tegenstellingen tussen mensen en hoe die tegenstellingen toch tot samenwerken kunnen leiden. De grappige illustraties ondersteunen de tekst.

Van Oudheusden, P. & Bogaerts, I. (2011). Mevrouw Ja & Meneer Nee. Tielt: Lannoo.


856x1200Gezellige verhalenbundel met 6 korte verhalen over Björn de beer. In het eerste verhaal ontwaakt Björn uit zijn winterslaap en ontmoet hij Schildpad die ook net wakker is. Daarna wisselt hij ervaringen uit met Das. De wereld van Björn breidt zich in het tweede verhaal uit door de ontmoetingen met Ekster, Haas en Wezel. In het bos vinden de dieren een gsm. Wat kun je daar allemaal mee? Picknicken dat zou leuk zijn, vinden de dieren in het derde verhaal. Gelukkig weet Haas in het bos een hutje staan want picknicken moet ‘buitenshuis’ en dat lukt natuurlijk niet wanneer het bos je huis is. Verder is er nog het tochtje naar het zwembad samen met een mensenvriendinnetje. Maar dat draait uit op chocolademelk drinken en koekjes eten in de cafetaria, want Beer heeft geen badmuts bij zich. En tijdens een bustochtje wordt het zicht op de ‘wijde wereld’ ook uitgebreid. In het laatste verhaal wordt duidelijk wat Björn het allerbelangrijkste vindt in het leven: vriendschap. Het boek oogt wat retro door de fijne pentekeningen tussen de tekst, door het gebruik van geel papier en door de manier waarop de dieren gekarakteriseerd worden.

Perret, D. (2019). Björn en de wijde wereld. Leuven: Davidsfonds/Infodok.


VERDRIETIG ZIJN

1029x1200Herman het hangbuikzwijn weet niet wat er met hem scheelt; zijn staartje heeft nog altijd een mooie krul, hij heeft genoeg te eten en de zon schijnt, en toch… Niks gaat Herman af. Zijn vrienden de kippen en de haan zien dat ook en proberen hem op te monteren, maar dat lukt niet echt. Tot Haan een troostende vleugel om Herman heen slaat. Dan beseft Herman dat hij zijn dag niet heeft en dat een flinke huilbui weleens opluchting zou kunnen geven en daarop vloeien de tranen rijkelijk. Dus… leert het verhaal dat zelfs stoere hangbuikzwijnen een off-day kunnen hebben en dat mag. De illustraties slagen er heel goed in de emoties van Herman en de andere dieren weer te geven. Met haar penseel weet Jagtenberg prenten tevoorschijn te toveren die vol leven zitten. Bovendien heeft ze aan goed gekozen mimiek op de koppen van de dieren en met eenvoudige lijnen genoeg om een hele wereld te creëren. Op die manier vormen de illustraties een perfecte aanvulling op het beknopte maar zorgvuldig geformuleerde verhaal.

Jagtenberg, Y. (2021). Kop op, Herman! Haarlem: Gottmer.


1200x1138Wat een moeilijk thema durft Bette Westera aan in dit verhaal over Pepita. Pepita is erg geliefd door de eilandbewoners want voor elk kwaaltje heeft ze wel een bijzondere pleister. Op een dag strandt ‘een vreemd, groot dier’ op het eiland. Dat vreemde dier blijkt een neushoorn te zijn en hij huilt hartverscheurend. Maar hoeveel pleisters Pepita ook gebruikt, de pijn van Neushoorn blijft. Iedereen gaat mee op zoek naar een oplossing zoals… het vreemde dier moet maar terug gaan naar zijn geboorteland want hier is toch geen plaats voor hem…Tot Kwal een echte oplossing aanbrengt: soms zit de pijn te diep vanbinnen en dan helpt een pleister niet. Wanneer Neushoorn dan ook nog een kokosnoot op zijn kop krijgt, heeft hij pijn die met een grote pleister op te lossen is én met kusjes en knuffels. Wie weet helpen die ook voor de pijn diep vanbinnen. Barbara De Wolf maakte bij dit verhaal sprekende illustraties in haar bekende stijl waarbij op elke bladzijde de pleisters echt in het oog springen. Door het gebruik van zachte kleuren ondersteunt ze ook het gevoel dat pijn geheeld kan worden door warme aanwezigheid.

Westera, B. (2021). Pleistermeisje. Amsterdam: Samsara.


550x614Het is niet zo gemakkelijk te beschrijven hoe het voelt wanneer je verdriet hebt, maar dit boek slaagt daar toch in meer door de beelden dan in de woorden. Verdriet kan je overvallen en is niet zo gemakkelijk af te schudden. Daarom wordt verdriet in dit prentenboek verbeeld als een lobbige, zacht gekleurde figuur met menselijke trekken. Een groene Barbapapa als het ware. Hij staat met zijn koffertje voor de deur en wat je ook probeert, er is geen ontkomen aan. Daarna volgen ‘losse’ bladzijden die duidelijk maken dat iedereen op een andere manier met verdriet omgaat: de ene laat ‘verdriet’ gewoon zijn, de ander gaat op zoek naar troost. De een vindt troost in gewone alledaagse dingen, de ander heeft het nodig dat troost uitgesproken wordt. Op het einde volgt de hoopvolle boodschap dat verdriet ook zomaar opeens verdwenen kan zijn. Het boekje biedt een fijne manier om met verdriet en de gevolgen daarvan kennis te maken. Maar net omdat verdriet zoiets persoonlijks is, zullen sommige kleuters zich erin herkennen en zullen anderen het maar niets vinden.

Eland, E. (2018). Als verdriet op bezoek komt. Amsterdam: Leopold.


9789044829525_frontEen rijk geïllustreerd prentenboek dat tijdens de laatste week voor de grote vakantie zeker gebruikt kan worden om stil te staan bij het feit dat de kleuters juf/meester en de andere kinderen nu waarschijnlijk een hele poos niet zullen zien. In dit verhaal treurt een kleine bever over het feit dat hij juf Hermelijn tijdens de vakantie niet zal zien. Juf leeft met hem mee maar reikt niet echt oplossingen aan. Het verhaal blijft op die manier wat op de vlakte. Gelukkig is het rijk geïllustreerd en bevatten de illustraties veel details over het bos, de dieren die daar leven – ook al zijn ze sterk vermenselijkt – en de natuur.

Vandaele, A. (2017). Ik ga je missen, juf. New York/Amsterdam/Hasselt: Clavis.


833x1200Kleuters kunnen behoorlijk verdrietig zijn wanneer ze afscheid moeten nemen van één van hun vriendjes omdat die verhuist of langdurig afwezig is. Het roze olifantje, Yaro, staat model voor zo’n kleuter. Want Yaro’s beste vriend, de gestippelde olifant Tibe, trekt met zijn troep een andere richting uit. Yaro treurt en treurt en besluit op een dag de wijze uil om raad te vragen want hij wil zijn verdriet richting geven. De uil geeft hem drie tips: je mag zeker eens goed uithuilen om het gemis, over je verdriet vertellen aan iemand die je vertrouwt, het delen dus, helpt ook en ten slotte zal het langzaam beter gaan naarmate de tijd verstrijkt en je vriend een vaste plaats krijgt in je hart. En zo wordt Yaro langzaam terug gelukkig. Illustraties en tekst zijn mooi op elkaar afgestemd; de illustraties geven de sfeer van een Afrikaans landschap weer. Ze beslaan altijd 3/4 van een dubbele pagina. De tekst die veel details op een mooie manier verwoordt, staat in de witte strook van de dubbele pagina.

Weitze, M. (2020). Hoe de kleine roze olifant eens heel verdrietig was en hoe het weer goed met hem ging. Haarlem: Uitgeverij Holland.


550x710Op een dag vertrekt Varken op reis. Zijn goede vriend Muis vindt dat wel fijn voor Varken maar blijft wel thuis achter. Vreemd genoeg vindt Muis vanaf dat moment haar draai niet meer. Ze kan het gevoel dat ze heeft niet onder woorden brengen maar wat ze ook doet, eten, slapen en poetsen, het gaat Muis niet af. Ze heeft het gevoel dat er knopen in haar lijf zitten. Dat verandert pas wanneer Muis in de verte Varken ziet opdagen… Varken blijkt op reis hetzelfde vervreemdende gevoel gehad te hebben en samen komen ze tot het besluit dat samen beter is dan alleen. De sfeervolle illustraties dragen veel bij aan het verduidelijken van het ‘vage gevoel’ waarmee Muis – en achteraf blijkt ook Varken – worstelt.

Praagman, M. (2014). Vergeet mij nietje. Wielsbeke: De Eenhoorn.