Prentenboeken ‘Dromen’

550x552In je dromen kun je meevliegen op de rug van een vogel of van een dino, in je dromen bestaan er vliegende tapijten en bloemen die je bed worden. In je dromen ben je tegelijkertijd ridder én prinses en kun je varen over zee op de rug van de een walvis. Of wat denk je van een glijbaan die eigenlijk de slurf van een olifant is? Dit verzorgd uitgegeven kartonboekje bevat een beperkte hoeveelheid tekst met daarbij prenten in helder rood, wit, groen en zwart. De zilveren accenten trekken de aandacht en hier en daar zijn er ook voelelementen. Het boekje lijkt bedoeld om voor te lezen voor het slapen gaan en peuters op die manier inspiratie te bezorgen voor hun dromen. Want zoals op de laatste dubbele pagina staat: ‘Als alles rustig is en stil, dan droom ik alles wat ik wil.’

Deneux, X. (2012). Mijn dromen. Antwerpen: Standaard Uitgeverij.


frontImagesLinkOp de cover een liggend paard. Een voorafbeelding van de verschillende dieren zoals wolf, hond, ijsbeer, tijger, … die hier hun plaats krijgen. De uitgangsvraag van dit boek is de vraag of dieren dromen zoals wij of mijmeren tussen waken en slapen of misschien zelfs reflecteren. Het antwoord op die vraag geeft het boek niet echt, maar Bibi Dumon Tak fantaseert zelf wat de verschillende dieren denken of dromen en dat in een erg poëtische taal. Daardoor krijgen de woorden iets van een zacht slaapliedje en sluiten ze nog beter aan bij het onderwerp van het boek. We mogen hier natuurlijk ook de foto’s niet vergeten. De dieren zijn geportretteerd door Charlotte Dumas, een bekende fotografe die enkel foto’s neemt nadat ze een persoonlijke band heeft opgebouwd met wie gefotografeerd zal worden. De foto’s beslaan telkens een volledig dubbele pagina en alle geportretteerde dieren zien er kwetsbaar uit door de houding waarin ze gefotografeerd zijn, of door hun blik. Uit de tekst en de foto’s spreekt veel liefde voor de dieren en zoemt als het ware de vraag omhoog waar het verschil zit met mensen. Achteraan in het boek is er per dier een biografie opgenomen zodat ook de lezers de dieren beter kunnen leren kennen.

Dumon Tak, B. (2019). Dromers. Amsterdam: Querido.


1155x1200Een jongetje ontdekt dat er opeens een Siberische tijger in zijn bed ligt. Op die manier kan hij niet slapen! Hij pakt de slapende tijger op en haast zich om de bus naar de Zoo te nemen. Maar de bus rijdt voor zijn neus weg! Dus zeult het jongetje het hele eind naar de Zoo met de tijger achter zich aan. De poorten van de zoo staan open. Zijn alle dieren misschien ontsnapt?! Gelukkig is dat niet het geval – iedereen slaapt rustig in zijn verblijf enkel de tijger was gaan wandelen. Het jongetje stopt de tijger terug in zijn kooi, sluit het hek met de sleutel en terug thuis deponeert het jongetje de sleutel onder zijn hoofdkussen. Nu kan hij eindelijk slapen … De illustraties creëren de dromerige sfeer die past bij een slapend en dromend jongetje. Enkel het jongetje met zijn knuffelkonijn en de tijger zijn in realistische kleuren getekend. De achtergronden zijn ‘nachtelijk’ met de kleuren die daarbij horen zoals paars, groen-blauw, soms wit.

Van Genechten, G. (2013). Midden in de nacht. Hasselt: Clavis.


550x706Marianne graaft elke dag op het strand naar botten. Ze is ervan overtuigd dat ze op die manier ooit het geraamte van een dino zal kunnen samenstellen. De vissers die op een omgekeerde sloep naar Marianne zitten te kijken, moedigen haar niet aan. Integendeel: zij vinden dat Marianne moet stoppen met graven en vrienden moet zoeken. Maar op een dag is het zover: voor Marianne ligt op het strand het skelet van een heuse dinosaurus. Marianne noemt hem Botje. ’s Nachts in haar bed wenst ze dat de dino tot leven zou komen en in haar droom gebeurt dat ook. Op de rug van de dino beleeft Marianne fantastische avonturen in een wereld waar kinderen baas zijn. Het geheel is geïllustreerd met sfeervolle prenten in mooie kleuren. Jammer van het rijm in de tekst dat te vaak wringt en stroef loopt.

Hughes, H. (2020). Het meisje en de dinosaurus. Utrecht: Levendig Uitgever.


550x687‘Doei!’ roept Bor voor het slapengaan naar zijn zusje in de belendende slaapkamer. Maartje wenst iedereen welterusten ook al haar knuffels. En dan droomt Maartje … Aan het ontbijt tatert ze honderduit over alles wat ze die nacht weer in haar dromen beleefd heeft. Haar broer, Bor, vindt het maar niks. ‘Dromen zijn verzonnen. Straks haal je echt en niet-echt nog door elkaar. Doei!’ En Bor vertrekt naar school.  Wanneer Maartje op een avond Bor vraagt wat hij zoal droomt, blijkt Bor enkel nachtmerries te hebben en dat is echt niet fijn. Gelukkig bedenkt Maartje ’s nachts een oplossing: de volgende avond laat ze Puk de Beer, balletpop Evelina, Koala en Kangoeroe bij Bor slapen. Maartje weet zeker dat Bor dan fijn zal dromen. De volgende ochtend zit Bor er even zwijgzaam bij als altijd. Zou hij fijne dromen gehad hebben? Het wordt niet met zoveel woorden gezegd, maar Bor lacht wel naar zijn zus voor hij naar school vertrekt en dat doet hij anders nooit … Met weinig woorden in korte zinnen – elke zin op een nieuwe regel – vertelt de auteur wat nodig is. De prenten zijn sprekend en suggestief. Oudere kleuters zullen bv. op de prent die de nachtmerrie van Bor weergeeft – een groot donkerblauw golvenvlak – meer zien – een klauw, een krokodillenbek, … – dan jonge kleuters. De vrolijke dromen van Maartje beslaan meerdere pagina’s. De prenten zijn qua sfeer erg verschillend zoals dromen, maar altijd vriendelijk.

Van de Vendel, E. (2014). Doei! Amsterdam/Antwerpen: Querido.


852x1200In een dorp wonen veel mensen. Die mensen werken overdag en slapen ’s nachts. Terwijl ze slapen, dromen ze hun specifieke dromen. Op de eerste dubbele pagina – Welterusten iedereen! – krijg je een overzicht van 20 slapende dorpspersonages en dieren. Op de laatste dubbele pagina krijg je het overzicht van diezelfde 20 mensen en dieren maar dan wakker – Goedemorgen iedereen!. Daar kun je ook zien of hun dromen uitgekomen zijn. Tussenin krijg je per pagina een slapend iemand uit de reeks te zien omringd door zijn dromen. Zo droomt de postbode ervan zelf eens een brief te krijgen en wil het paard zo graag vrij zijn. Het boek nodigt uit om met kinderen te praten over hun dromen en verlangens. De mooie illustraties van Van Doninck zitten vol fantasie-elementen die de fantasie van de kinderen zeker zullen aanwakkeren. Per figuur is ook beperkte tekst voorzien (een viertal lijnen). De dubbele pagina’s vooraan en achteraan zijn perfecte praatplaten.

Van de Vendel, E. (2009). Welterusten iedereen. Wielsbeke: De Eenhoorn.


550x739Ziek zijn is lang niet altijd een drama. Dat wordt duidelijk in dit tekstloze prentenboek. Een meisje komt met bladen tekenpapier, kleurpotloden en een ballon de kamer binnen van een ziek jongetje. De ballon knoopt ze vast aan zijn bed. Het wordt een luchtballon en meteen kan de reis door de wereld beginnen. Het meisje begint namelijk te tekenen en die tekeningen komen tot leven en leiden het tweetal overal naartoe: naar het oerwoud met vogels in de prachtigste kleuren, naar de oceanen met een rijkdom aan dieren, langs sneeuw en ijs … tot het tijd is om terug te keren. Rustige, eerder dromerige prenten wisselen af met prenten vol dynamiek en leven. Het boek biedt heel veel ruimte voor interpretatie en is een ode aan de wereld van de verbeelding.

Faas, L. (2019). Ik neem je mee. Rotterdam: Lemniscaat.


anna_en_de_dromenmaker-minAnna wordt boos op alles en iedereen omdat het haar niet lukt in slaap te vallen. Tot er opeens op haar raam wordt getikt door … de maan. Die nodigt Anna uit om mee naar de dromenmaker te reizen. De dromenmaker leeft tussen de wolken en de sterren, verandert voortdurend van vorm – een beetje zoals een wolk -, en zijn belangrijkste bezigheid is dromen maken voor iedereen zodat niemand zich in bed hoeft te vervelen. Ook voor Anna heeft de dromenmaker verschillende dromen klaar staan … Tijdens die dromen wordt duidelijk dat in dromenland echt alles mogelijk is. De prenten zijn gemaakt met een bijzondere collagetechniek wat zorgt voor een speciale sfeer die nu eens poëtisch en dan weer eerder angstwekkend aandoet.

Villavicencio Fernandez, M. (2020). Anna en de dromenmaker. Wielsbeke: De Eenhoorn.


925x1200Tegen een levensgrote maan zie je twee figuurtjes fietsen, een jongetje en een meisje. Dat is wat je op de cover ziet. Het verhaal begint waar een jongetje op een middag een stem hoort. Die blijkt van zijn zus te zijn. Het jongetje heeft die zus nooit gekend want ze is gestorven voor hij geboren werd. Maar het jongetje kent haar toch: ‘Ik had dit altijd al gevoeldHet was een oud verdriet zonder tranen. Het hing als behangpapier in alle kamers van ons huis.’ De zus die zich als een echte ‘grote zus’ gedraagt, gaat met het jongetje fietsen. Zo lang en zo ver dat ze lijken te zweven. De fietstocht duurt één nacht. Daarna is het jongetje terug alleen maar nooit meer zo alleen als voor deze ontmoeting. De poëtische tekst wordt meesterlijk ondersteund door de dromerige prenten van Marit Törnqvist die alleen al doorheen het kleurgebruik laat voelen dat dit verhaal over zoveel meer gaat dan de dood. Het gaat ook over verlangen en gemis, over dromen en liefde en over verdriet.

Aerts, J. (2012). Groter dan een droom. Amsterdam: Querido.


9789058388728_1Dit boek vertelt over de wonderen die gebeuren als je durft blijven dromen, als je durft te geloven in jezelf. In de vallei van de wentelmolens doen moderne machines hun intrede. Alles kan geregeld worden met een druk op de knop. Daardoor verlangen de inwoners van de vallei nergens meer naar. Ook de wind geeft het op en de wieken van de molens draaien niet langer. Maar niet iedereen heeft het opgegeven … Anna het naaistertje blijft dromen en is dan ook dolgelukkig wanneer ze op een dag Vogelman ontmoet. Hij droomt ervan te kunnen vliegen. Anna beslist om een vleugelpak voor hem te naaien en roept de hulp van de blaasbloemen in. Daardoor begint de wind weer te waaien en wie weet komen de molens ook opnieuw tot leven… Naast het mooie verhaal biedt dit prentenboek prachtige poëtische illustraties van Valeria Docampo. Ook het kleurgebruik sluit aan bij het verhaal en wordt steeds stralender naarmate het verhaal vordert. De kleuters zullen alle symboliek in het boek nog niet begrijpen, maar dat zorgt ervoor dat ze er ook op latere leeftijd nog van zullen kunnen genieten.

Blanco, N. (2013). De vallei van de wentelmolens. Wielsbeke: De Eenhoorn.


ecc25e_485b2785b2be44cd968231cae6c1081d~mv2_d_1339_1778_s_2Cleo is het beu dat ze zoveel moet en zich zo vaak moet haasten. Ze besluit een rustige plek te zoeken. Die vindt ze in haar dagdromen waarin ze samen met Amadeus haar kat, met een bootje de oceanen en het luchtruim verkent. Vanuit haar bootje kan ze de wereld aan zeker wanneer ze een gelijkgestemd vriendje ontmoet. Samen met hem op een bankje op de speelplaats lijkt het leven veel vrolijker en lichter. Meer nog dan de tekst spreken de illustraties en het kleurgebruik daarin boekdelen. Een heerlijk boek voor al wie in zijn hoofd wil reizen.

De Bruyn, S. (2015). Cleo. Hasselt-New York-Amsterdam: Clavis.


32267607._UY677_SS677_Jake is verzot op alles wat met dino’s te maken heeft. Hij kan dan ook zijn geluk niet op wanneer op zijn vaders land dinobotten worden gevonden. Onderzoekers van verschillende landen komen verder graven en besluiten dat het wel degelijk om de botten van de T.rex gaat. ‘s Nachts wordt Jake dan ook een superheld die samen met de dino’s allerlei avonturen beleeft. Het verhaal is niet zo origineel, maar de illustraties van Thé Tjong-Khing zijn meer dan de moeite waard.

Tjong-Khing, T. (2016). Jake en de T.Rex. Amsterdam: Leopold.


550x452Finn denkt nog vaak aan zijn gestorven opa. Hij woont aan zee en is dikwijls aan het spelen in een oude boot. Op de dag van opa’s verjaardag zijn er veel herinneringen, maar vooral aan het feit dat opa gezegd had dat ze ooit samen op reis zouden gaan naar een plek waar hemel en oceaan elkaar raken. Wanneer Finn wakker wordt, bevindt hij zich in de oude boot op volle zee. Een gouden vis wijst hem de weg en zo komt hij steeds dichter bij de maan; is dat misschien de plek waar oceaan en hemel elkaar raken of toch niet? Net zoals in ‘De tuinman van de nacht’ en ‘De reis van vos’ van dezelfde auteurs is dit prentenboek eerder filosofisch getint. Daarnaast getuigen de prachtige, gedetailleerde illustraties van een zeer rijke fantasie – zoveel verschillende luchtmachines en ander zwevend, duikend en varend tuig heb ik nog nooit bij elkaar gezien! De illustraties vormen ook hier weer een prachtig duo met de tekst. Die is af en toe behoorlijk spitsvondig. Denk bv. aan Luilettereiland waar bladvogels, brilvogels en heel wat andere geleerde vogels nestelen tussen boeken met gekende titels als Moby Dick, Odysseus, De kleine kapitein, De vliegende Hollander, … Opnieuw een prachtig boek van The Fan Brothers waar zowel kinderen als volwassenen veel plezier aan zullen beleven.

Fan T. (2018). Oceaan en hemel. Amsterdam: Leopold.


906x1200Het meisje uit de titel verzint ’s avonds in haar bed een verhaal over zeven paarden, van wie telkens één uit de boot valt. Zo hebben de andere zes paarden in tegenstelling tot de zevende allemaal mooie kleuren, een eigen plaats en het vermogen om te verzinnen. Gelukkig laten ze het zevende paard niet aan zijn lot over en geven ze telkens elk een stukje van hun eigen rijkdom weg. Zo krijgt het zevende paard uiteindelijk zes verschillende kleuren, een verscheidenheid aan plaatsen om zich thuis te voelen en een ongelooflijke fantasie. Wanneer de paarden aan het einde van het verhaal elk een veulen krijgen, schenkt het zevende en kleurrijkste veulen van allemaal wat van zijn verzinvermogen terug aan het meisje. Heerlijk toch hoe haar eigen verzonnen verhaal de wereld van het meisje meer kleur geeft en haar vermogen tot verzinnen verder verrijkt!
De duidelijke waarde die aanzet tot delen en de repeteerstructuur zijn klassieke formules die het goed zullen doen bij jonge kinderen. Het zijn echter de prachtige illustraties en de oosterse sprookjessfeer die ‘Het meisje en haar zeven paarden’ echt bijzonder maken. Nooshin Safakhoo werd voor dit werk begeleid door Marit Törnqvist, wat vermoedelijk heeft geleid tot de vertaling van dit werk naar het Nederlands. En maar goed ook. Net als dat ene paard geeft dit soort publicaties onze boekenmarkt meer kleur.

Mohammadi, H. (2018). Het meisje en haar zeven paarden. Amsterdam: Querido.


24167-1Jagen op groot wild, geen alledaags thema voor een prentenboek. De auteurs hebben dit echter op een humoristische manier uitgewerkt en slagen er gelukkig in niet te moraliseren. Het verhaal start bij de jager Viktor die erg blij is omdat hij een cheeta heeft geschoten. Maar al vrij snel krijgt de jager wroeging en besluit het goed te maken. Met behulp van het vel van de cheeta vermomt Viktor zich als cheeta en keert terug naar de troep waarvan hij een dier gedood heeft. Aanvankelijk tot grote vreugde van de cheeta’s die menen hun vriend terug te hebben. Tot Viktor op een dag ontmaskerd wordt omdat het pak scheurt en zijn mensenbips te voorschijn komt. Wat dan volgt is een wel erg verrassend einde… Sterk gestructureerd verhaal met kunstzinnige illustraties die de realiteit niet schuwen (een bloedende cheeta bv.). Vergeet niet bij het vertellen te starten bij de schutbladen. Zij vormen een essentieel onderdeel van het verhaal en spreken voor zich.

Jacques & Lise. (2018). Viktor. Kessel-Lo: Van Halewyck.


919x1200De sfeervolle illustraties van Marit Törnqvist zorgen ervoor dat dit verhaal dat in 1946 geschreven werd en dus qua stijl toch wat oubollig aandoet, toch gaat leven. Thomas heeft altijd pijn aan zijn been en daar wordt hij wel verdrietig van. Want hij kan niet naar school, niet spelen met zijn vriendjes, … Op een dag gebeurt er iets vreemds; tijdens de schemering tikt Mr. Rozenstaf op zijn raam. Samen met hem beleeft Thomas de gekste avonturen in Schemerland. Want in Schemerland is alles mogelijk, is er geen pijn, kun je vliegen, een tram besturen, zoveel snoep eten als je wil, spreken met elanden en limo drinken met beren, … Het verhaal bevat veel tekst en dat is niet evident voor vele kleuters, maar het is een hoopvol verhaal. Ook al gaan dingen dikwijls niet zoals we wel zouden willen, dromen najagen kan altijd!

Lindgren, A. (2007). In Schemerland. Amsterdam/Antwerpen: Querido.